Reactie naar BenW op brief 29-01-2016 – Geplande boomgaard De Hem

Aan het College van Burgemeester en Wethouders
van de gemeente Krimpenerwaard,
p/a Stadhuis Schoonhoven, Haven 37
Postbus 51
2820 AB STOLWIJK

Schoonhoven, 30 januari 2016

Betreft: Uw documentnummer 16-0000455 d.d. 29-01-2016
Onderwerp: geplande boomgaard De Hem

Geacht College,

Bij schrijven van 29 januari 2016 reageert u op onze brief van 17 december 2015 waarin wij beargumenteerd te kennen gaven het niet opportuun te achten deel te nemen aan het door u geplande overleg op 5 januari 2016 met De AWS en de HVS en andere betrokkenen of belanghebbenden bij de betreffende aanvraag voor een omgevingsvergunning.

Uw reactie betreurt ons ten zeerste
We kunnen uw reactie, waarin u spreekt van een gemiste kans, niet plaatsen. U gaat daarbij geheel voorbij aan de mondeling en in onze brief genoemde argumenten . Om over deze argumenten geen enkele misverstand te laten bestaan, herhalen wij deze ten overvloede.

Allereerst achten wij een dergelijk overleg te vroegtijdig gelet op de te volgen procedure bij een dergelijke aanvraag ingevolge het Paraplubestemmingsplan. Een moment van overleg met de gemeente zou ons inziens zich eerst aandienen nadat de aanvrager het te laten verrichten onafhankelijk archeologisch onderzoek had verricht.
Het doet ons overigens genoegen te vernemen dat in de brief van uw gemeente van dezelfde datum (doc.nr. 16-0000696), in antwoord op de vragen in de brief van de AWS van 7 december 2015, u alsnog heeft besloten de weg van de vigerende procedure in te slaan.

Voorts zijn we te allen tijde bereid met de gemeente van gedachten te wisselenover aangelegenheden waarbij archeologische en cultuurhistorische zaken in het geding zijn. Dus ook over de onderhavige zaak. Echter, het geplande overleg op 5 januari had een geheel andere samenstelling en bedoeling. Gezien onze rol en de vigerende procedure bij dit soort zaken ligt participatie in een dergelijk overleg – teneinde met alle ‘partijen’ tot overeenstemming te komen – niet voor de hand.
Zoals we eerder in onze brief schreven, achten wij het van belang ons oordeel over de verkregen bevindingen te geven en met u daarover te spreken, alsmede over de advisering van ODMH erover.

Tot slot nog het volgende. In uw beantwoording op de brief van de AWS d.d. 7 december 2015 wordt gesteld dat er wel bureauonderzoek heeft plaatsgevonden. Deze informatie bevreemdt ons ten zeerste. Wij beschikken namelijk over correspondentie van de betreffende archeoloog van de ODMH van eind 2015 waarin gesteld wordt dat er geen nieuwe aanvullende informatie uit bureauonderzoek te verwachten valt en dat hij op basis van de beschikbare informatie een uitgebreid advies naar de gemeente zal sturen.

Indien de inhoud van deze brief nog vragen oproept waarover u met ons overleg zou willen voeren, dan zijn wij daartoe uiteraard bereid.

Met vriendelijke groet,

Namens de Archeologische Werkgroep Schoonhoven,
B. Peltenburg, voorzitter

Namens het bestuur van de Historische Vereniging Schoonhoven,

prof.mr. D. Mentink (gemachtigde)