Woonhuis van Pieter Greup (1834-1912). Na 1912 wooonhuis van zijn zoon Dirk Hendrik Greup Pz (1859-1939)

Woonhuis van Pieter Greup (1834-1912). Na 1912 wooonhuis van zijn zoon Dirk Hendrik Greup Pz (1859-1939)

Greup of Regtdoorzee Greup. Een dynastie van goud- en zilversmeden in Schoonhoven.
Eén van de belangrijkste goud- en zilversmidsfamilies in Schoonhoven in de 19e en begin 20e eeuw was de familie Greup. Naast hun werk hebben de leden van deze familie veel sociaal-maatschappelijke initiatieven genomen en bestuurlijke functies bekleed. Zo was Dirk Hendrik Greup (1803-1888) medeoprichter en bestuurslid van de Nijverheidsvereeniging van Goud- en Zilversmeden. Zijn zoon Pieter (1834-1912) was medeoprichter en bestuurslid van de Tekenschool, onze latere Vakschool. Zoon Gerrit (1840-1936) was begin 20e eeuw voorzitter van de Nijverheidsvereeniging.

Het was een echte ‘beroepsdynastie’ die drie generaties edelsmeden en handelaren voortbracht. De familie kwam oorspronkelijk uit Beuningen bij Nijmegen. De Schoonhovense stamvader Pieter Greup (1757 – 1809) vestigde zich in 1794 in Schoonhoven en werd postmeester. Later was hij “hoofd commis van ’t generaal postcomptoir” aan de Haven (nu ‘De Vlaaierie’ op nr.43). Hij kwam op dat moment uit Den Haag en “is van eerlijke ouders”. Zijn zoon Dirk Hendrik werd in 1828 zilversmid en werkte tot 1864. Hij was één van de oprichters van de Nijverheidsvereniging. In totaal waren zes nazaten werkzaam in het goud- en zilvervak vanaf 1828 tot 1915 in Schoonhoven en nog tot 1924 in Voorburg.

De belangrijkste telg voor Schoonhoven is misschien wel Pieter Greup (1834-1912) geweest. Zijn inzet voor de totstandkoming van de ‘Teekenschool’, de huidige Vakschool, en voor de oprichting van het sociaal fonds “Tot Hulp in Lijden”, is van buitengewoon belang geweest voor de ontwikkeling van de Zilverstad.
Naast mede-oprichter van de Nijverheidsvereeniging (1862) was hij voorzitter van 1892 tot 1904. Hij was lid van de Gemeenteraad (1870) en wethouder van 1887 tot 1912, met een onderbreking tussen 1895 en 1902. Hij was 30 jaar penningmeester van het sociaal fonds van de goud- en zilversmeden in Schoonhoven “Tot Hulp in Lijden” (1863-1893). Ook zette hij zich in voor de spoorverbinding Schoonhoven-Gouda als lid en vice-voorzitter van het ‘Comité tot verkrijging van een Spoorverbinding in de Krimpenerwaard’. Daarnaast was hij kerkvoogd (sinds 1880) en president kerkvoogd (vanaf 1896) van de Nederlands Hervormde Gemeente. Hij overleed op 10 februari 1912 “temidden van zijn werk, sterk en gezond tot het laatst toe”.

Pieter Greup (1834-1912) en zijn kleinzoon Pieter Greup (1885-?)

Pieter Greup (1834-1912) en zijn kleinzoon Pieter Greup (1885-?)

Pieter Greup woonde op de Haven, het huidige nummer 19. Zijn werkplaats stond in de Lange Weistraat; dat was achter zijn woning Haven 19. Deze werkplaats en woning werd in 1855 aangekocht door zijn vader Dirk Hendrik Greup (1803-1888) van de zilversmid Hendrik Kuijlenburg. Deze had het pand in 1826 gekocht, maar toen was er nog geen sprake van een ‘werkplaats’ achter het huis. Op zijn beurt verkocht Dirk Hendrik het met werkplaats achter het huis aan zijn zoon Pieter. Na diens overlijden in 1912 kwam het huis en de werkplaats in handen van Dirk Hendrik Greup Pz.
Vandaag de dag woont de familie Van der Bunt er. Of de werkplaats er nog staat is (nog) niet bekend.

GerritGreup
Gerrit Greup (1840-1936) is later de dubbele familienaam “Regtdoorzee Greup” gaan voeren. De familie kreeg daar Koninklijke goedkeuring voor: KB 1 april 1911, nr. 45. De toenaam kwam van zijn echtgenote Gesiena Regtdoorzee (1856 – 1938), afkomstig uit Amsterdam, en sinds 1877 gehuwd met Gerrit Greup. Gerrit was eveneens voorzitter van de Nijverheidsvereeniging en voorzitter van de Kamer van Koophandel in Schoonhoven.
Hij woonde op de Haven, het huidige nummer 71. De oude huisnaam was “Vogelenstein”.

Foto links: Gerrit (Regtdoorzee) Greup (1840-1936)

De werkplaats van Gerrit Greup stond (en staat nog) in de Korte Weistraat schuin tegenover het postkantoor. In feite staat de werkplaats achter de woning aan de Haven (het huis “Vogelenstein”). Het werd na 1915 werkplaats van de Gebroeders Seton. Nadat het gebouw in de jaren ’90 dienst deed als woning, is er anno 2006 een adviesbureau in gevestigd.

schutterskraagGerrit Greup vervaardigde het grootste stuk ‘klassiek’ Schoonhovens zilver dat we tot nu toe kennen. Het is een zilveren juwelenkist. Het stuk is te bewonderen in de Museumgalerij Het Edelambachtshuijs aan de Haven te Schoonhoven.

Haven 17, "Burgemeestershuis", woonhuis van Gerrit Greup Pz (1863- ?). In 1912 verkocht aan de gemeente voor fl. 6000,-

Haven 17, “Burgemeestershuis”, woonhuis van Gerrit Greup Pz (1863- ?). In 1912 verkocht aan de gemeente voor fl. 6000,-

 

De firma Regtdoorzee Greup bood in juli 1912 aan de Gemeenteraad aan om de ‘Schutterkraag van Jacoba van Beieren’ gratis in de oorspronkelijke staat te herstellen. “Het voorstel werd onder applaus door den Raad aanvaard”. Deze schutterskraag is een prachtig vroeg 15e eeuws stuk zilverwerk en daarmee één van de belangrijkste stukken van Nederland. De ‘Jacobakraag’ is vandaag de dag te bewonderen in de Commissiekamer van het stadhuis.

Literatuur en bronnen.
Architectenbureau Bert van den Boogert (samensteller), De monumenten van Schoonhoven, Gemeente Schoonhoven 1986.
S.A.C.Begeer, Zilversmeden van de stad Schoonhoven, NGZKM, Schoonhoven 1981.
R.Kappers, De Nijverheidsvereeniging, Zilvercahier nr.3, Schoonhoven 1997.
R.Kappers, Nijverheidsvereeniging, eerste bestuurders. Herkomst en bindingen, HEK nr.4, 1998.
R.Kappers, Nijverheidsvereeniging, eerste bestuurders. Fotoportretten, HEK nr.1, 2001.
Piet Muilwijk, collectie ‘huizen in Schoonhoven’, deel Oude Haven oostzijde, Streekarchief Hollands Midden.


Graves Kooiman. Een dynastie van goud- en zilversmeden in Schoonhoven.

De familie Kooiman, soms beter bekend als Graves Kooiman heeft zes generaties achtereen in het vak van de Zilverstad gewerkt. Een echte beroepsdynastie. De zelfstandige activiteit die Andries Graves Kooiman in 1776 begint eindigt na 145 jaar als de erven van Andries Cornelis Kooiman (overleden 15 maart 1920) het bedrijf overdoen aan hun meesterknecht Pieter Baardwijk.

De laatste zilversmid uit de familie, Willem ‘Graves’ Kooiman, overlijdt in 1977 te Schoonhoven. Willem werkte als zilversmid bij de firma Niekerk en was opgeleid aan de Vakschool te Schoonhoven. Met zijn overlijden eindigt na 203 jaar een familietraditie die zijn betovergrootvader in Schoonhoven begon.

In totaal zijn 20 leden van de familie actief geweest als goud- of zilversmid. Onder deze bevindt zich één vrouw, Neeltje Kooiman, die als de weduwe Knosses 16 jaar de scepter over de werkplaats zwaaide. Daarnaast hebben nog vier weduwen Kooiman de bedrijven van hun overleden echtgenoten voortgezet. Ieder meegerekend hebben dus 24 familieleden leiding gegeven of bijgedragen aan de ‘zilversmidwinkels’ van de familie. Zover thans bekend, een unicum in Nederland. Deze zilversmidsdynastie stichtte totaal 9 zilversmidwerkplaatsen.

De werkplaats bevat nog de originele oven. De grote raampartij aan de
zuidkant is (helaas) bij de laatste restauratie voorzien van een dubbele
openslaande deur op de plaats van twee ramen. Restauratie door de
eigenaar/bewoner in eigen beheer omstreeks 1998. De werkplaats was achterom toegankelijk via het ‘koeienpoortje’ aan de Dam, naast de Waag.

De oorspronkelijke werkplaats bevindt zich in de Koestraat. Achter het woonhuis (thans nr.73) staat nog steeds de werkplaats die tot 1921 dienst deed. De familie Slager en de familie Noijen, de latere bewoners van het pand, hebben de werkplaats in ere gehouden. Zelfs de originele oven is nog aanwezig. Oorspronkelijk is de werkplaats ‘achterom’ bereikbaar geweest door het ‘koeienpoortje’ op de Dam, west van de Waag. Vandaar dat dit traditionele zilversmidwoonhuis niet een traditionele dubbele deur aan de voorzijde nodig had.

De belangrijkste telg voor de Zilverstad uit deze familie is Andries Graves Kooiman Jacobszoon (1813-1908). Hij was koopman in gouden en zilveren werken. Hij bekleedde vele publieke functies in Schoonhoven: raadslid, wethouder, penningmeester en voorzitter van het Gereformeerd Weeshuis, voorzitter van de Kamer van Koophandel, president kerkvoogd NH Gemeente en commissaris van de Spaarbank van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen.

Zijn belangrijkste verdienste voor de zilverstad was evenwel het oprichten van de Nijverheidsvereeniging voor goud- en zilversmeden in Schoonhoven op 18 maart 1862. Hij gaf vervolgens officieel als voorzitter 25 jaar leiding aan de vereniging: van 12 juli 1862 tot 9 juli 1887. De Nijverheidsvereeniging wordt in 1988 voortgezet als het Schoonhovense Goud- en Zilversmidsgilde St.Eloy.

Andries Graves Kooiman Jczn was ook verantwoordelijk voor het bouwen van het nieuwe Gereformeerde Weeshuis, dat thans nog in de Koestraat staat. Ook de Havenkazerne, thans het Nederlands Goud-, Zilver- en Klokkenmuseum, is onder zijn leiding tot stand gekomen.

Een belangrijk aandeel heeft hij eveneens gehad in de bouw van de ‘Oranjesluis’ die de havens van Schoonhoven met de Lek verbindt. Het Rijk had het onzalige plan de dijk door te trekken en daarmee Schoonhoven van het buitenwater af te snijden, hetgeen op het laatste moment door onder meer Andries Graves Jczn is voorkomen. Op al deze gebouwen prijken gevelstenen ter herinnering met zijn naam.

De familie Kooiman was oorspronkelijk afkomstig van de zuidoever van de Lek. Ze stamt uit Lexmond. Via Langerak komen twee broers, Andries Graves en Jacob Kooiman uiteindelijk in 1776 en 1784 in Schoonhoven terecht. Hun vader was schoolmeester in Langerak; zij werden beiden zilversmid.

De dubbele familienaam komt tot stand door de vernoeming van de zoon van Adrianis Kooiman en Ariaantje Graves, met naam en toenaam naar de grootvader van moederszijde: Andries Graves. In de Schoonhovense tak van de familie Kooiman wordt vervolgens met regelmaat vernoemd. Hierdoor blijven de voornamen Andries Graves voortleven, zelfs zodanig dat ‘Graves’ als een deel van de familienaam gezien wordt. Andere telgen van de familie die niet met deze tweede voornaam vernoemd werden, gaan echter ‘Graves Kooiman’ als familienaam voeren. Officieel onjuist, maar toch.

De laatste telg van deze familie in Schoonhoven is de zoon van de laatste zilversmid van de familie. Willem Johannes ‘Graves’ Kooiman is beeldend kunstenaar, opgeleid aan de Academie voor Beeldende Kunsten te Rotterdam. Ook deze Willem gebruikt traditioneel, maar niet officieel, de toenaam Graves.

Hij heeft zijn atelier sinds vele jaren boven de Veerpoort, waar hij schildert, beeldhouwt en boetseert. Zijn partner Willie Vleeshouwer is goud- en zilversmid en voert een bescheiden atelier, zowel in de Veerpoort als in de Veerstraat.

Bron: R. Kappers, Graves Kooiman of Kooiman. Een dynastie van goud- en zilversmeden in Schoonhoven. Zilvercahier nr. 4.0, Stichting Vrienden van het NGZK Museum, Schoonhoven, 1998. (98 blz., ill.)
veerpoortWillemGr